Verslag studieverlof 26 april - 26 juli 1999
Thema: Mystiek en verzet


Simon Schoon

Indeling
I.  Inleiding
II.  Context: concrete plekken
III. Definities en eerste verkenning
IV. Verbinding tussen mystiek en verzet
V.   Joodse mystiek
VI.  Christelijke mystiek
VII. Praktische uitwerking
VIII.Uitleiding

I. Inleiding
- Dit verslag moet noodzakelijk beknopt blijven. Ik had me voorgenomen in deze studieperiode niet onder stress een boek of een artikel te schrijven. Daarom zal ik ook dit verslag in telegramstijl weergeven. Het krijgt daardoor misschien tezeer het karakter van een opsomming en is teweinig een inhoudelijk bericht. In preken, leerhuis, cursussen e.d. hoop ik de thematiek van deze studieperiode meer inhoudelijk te gaan uitwerken. Het jaarthema 1999-2000, 'Mystiek en verzet' genaamd, van 'de Veste' (Geref.) en de Paulus­kerk (N.Herv.) in Gouda, biedt daartoe ruimschoots mogelijkheden.

- Een verantwoording van de keuze van mijn studiethema is op zijn plaats. Volgens mij kan de kern van het gemeente-zijn aangeduid worden met de bekende kreet: 'bidden en werken'. Als woordpaar zou ook genoemd kunnen worden: 'spiritualiteit en engagement', zoals ik mijn studiethema aanvankelijk had geformuleerd. Naar aanleiding van het nieuwste boek van Dorothee Sölle, Mystiek en verzet, en de door de titel van dit boek aangereikte keuze van het jaarthema 1999-2000 door de beide wijkraden van 'de Veste' en de Pauluskerk heb ik de bepaling van mijn studiethema genuanceerd tot: 'Mystiek en verzet'. Dr. Jurjen Beumer spreekt in zijn dissertatie over het woordpaar 'intimiteit en solidariteit'. In Taizé wordt al decennia lang gesproken over 'lutte et contemplation'. Uiteraard ben ik me er van bewust, dat deze verschillende termen nadere definiëring en precisering behoeven, maar op dit moment wil ik me beperken tot de voor de hand liggende constatering, dat deze thematiek het hart van het gemeente-zijn raakt. Eigenlijk is dat altijd al zo geweest, maar rond de millennium-wending is dit een zaak van to be or not to be geworden voor de christelijke gemeente. Ter illustratie een citaat van de bekende katholieke theoloog Karl Rahner: "Het christendom zal in de toekomst mystiek moeten zijn of het zal verdwijnen".

- Een persoonlijke notitie in dit verband: Gereformeerden zijn in hun korte geschiedenis altijd zeer rationeel ingesteld geweest, ondanks invloeden uit de Afscheiding. Bijvoorbeeld bij iemand als Kuitert lijkt me dit rationalisme te ver doorgeschoten. Mijn komaf uit bevindelijke christelijke gereformeerde kring en mijn studentenjaren, waarin ik actief was in de pinksterbeweging, hebben mij mijns inziens bewaard voor een rationele/rationalistische overaccentuering. De voor mijn denken beslissende ontmoe­ting met het jodendom heeft nooit het bevindelijke en charismatische grondwater in mijn leven doen opdrogen. Het tegendeel is eerder het geval geweest: de verschillende bronnen zijn met elkaar in verbin­ding gekomen. Daarom heb ik me ook in mijn huidige studieverlof zowel in joodse als in christelijke mystiek verdiept. Ongetwijfeld zal ook de 'spiritualiteit van de levensfasen' (Herman Andriessen) bij mijn belangstelling meespelen. Volgens het jodendom kun je je pas boven de 40 jaar zonder al te groot risico op het terrein van de mystiek begeven. De afgelopen studieperiode was voor mij een verademing na mijn overspannenheid van nov.'97 - nov.'98. Maar ook die woestijn kende - zoals elke woestijn - oasen.Vol­gens de filosoof Theo de Boer is de woestijn bij uitstek de plek van openbaring: "Eigenlijk ligt die openbaring nogal voor de hand, want je kunt nu eenmaal vanuit het donker beter zien wat er in het licht gebeurt dan omgekeerd."

- Een groot aantal boeken en bijdragen in bundels heb ik in mijn studieperiode gelezen, de meeste intensief, enkele cursorisch. De hoofd-titels van boeken zal ik in het onderstaande cursief weergeven; de bijdragen in bundels op de gebruikelijke wijze. Dankzij deze studieperiode kwam ik toe aan een thematiek die door gebrek aan tijd doorgaans niet voldoende aan de orde kon komen. Ik heb me niet willen beperken tot louter studie over de relatie 'mystiek en solidariteit' in het algemeen, maar heb me in het bijzonder verdiept in verschillende geschreven teksten van vroegere en hedendaagse mystici. Daarnaast heb ik concrete plekken opgezocht, die als het ware open zijn voor mystieke ervaringen, met andere woorden: mystieke vindplaatsen.

II. Context: concrete plekken    
Het gejaagde leven van elke dag in de moderne maatschappij verdraagt zich niet gemakkelijk met een zoektocht naar mystiek. Ook het leven van een predikant en docent staat onder constante druk van agenda en verwachtingspatronen. Niet voor niets worden in onze lawaaierige, razenddrukke maatschappij 'stiltegbieden' in de natuur afgebakend.  De psalmist had er al weet van: "U komt stilheid toe, een lofzang, o God, in Sion" (Ps.65:2). Ik vond deze plekken de afgelopen maanden en kon op deze wijze studie én oefening, theorie én praxis combineren. De studie stond daardoor in een specifieke en stimulerende context. Thuis lieten telefoon en email me niet met rust. Stilte en inspiratie vond ik  met name op de volgende plekken:

- Van 26 april-19 mei in Israël: stille plekken in Galilea en in de woestijn van Judea, 'mystieke' plekken in Jeruzalem (o.a. de Westelijke Muur en het Heilige Graf), maar met name:
--- Vijf dagen verbleef ik in de monastieke gemeenschap Lavra Netofa in Galilea, een unieke en uiterst primitieve plek hoog in de bergen, met uitzicht over het Meer van Galilea, de Middellandse Zee, Nazaret, Tiberias, de Tabor en de Meron. Pater Jacob Willebrands, oorspronkelijk uit Nederland afkomstig, is de abt van dit klooster. Elke morgen stond ik om 4.15 uur op om vervolgens om 4.45 uur de eucharistie mee te maken in een grotkapel, met de liturgie van Johannes Chrysostomus grotendeels gezongen in het Hebreeuws. Gedurende de dag waren er de getijdengebeden, de prachtige 'helishistorische' uitzichten en de mystieke teksten van Gregorius van Nyssa, Anna Katherina von Emmerich, en de 20e eeuwse 'heilige' Thomas Merton (o.a. zijn dagboek: Conjectures of a Guilty Bystander, New York 1965). De oproepen van de minaretten in de Arabische dorpen in het dal beneden kleurden de ervaringen tot een interreligieus mozaïek.
Enkele mystieke citaten van Jacob Willebrands, uit: J. Willebrands, 'De betekenis van de woestijn in het monnikenleven', in: G.C. den Hertog, H.M. van der Vegt (red.), Woestijn en openbaring, Kampen 1996:
     "Wanneer ik verenigd ben met Hem die de dragende Grond en Bron is van alles en allen, ben ik tegelijkertijd aan het hart van de hele mensheid" (blz. 112), en: "Het praktizeren van aandachtig leven is een van de meest zeldzame gaven, want het vraagt en geweldige discipline" (blz. 115). 

--- Veertien dagen studeerde ik in het Ecumenical Institute for Advanced Theological Studies Tantur in Jeruzalem, waar ik in 1980/81 mijn dissertatie schreef (dus nu 18 jaar later vermengd met een vleugje nostalgie). Het Instituut had en heeft een fantastische bibliotheek, waar ik opnieuw bijna in onderging. Dankzij twee communiteiten in de omgeving ging ik niet helemaal onder: de Bruderhof-communiteit uit de Ver. Staten, die in de Kosovo-crisis hun pacifistische traditie voortzetten en daardoor felle discussies uitlokten, en de Communeauté de Béatitudines (van de Zaligsprekingen), een jonge katholiek-charismati­sche orde uit Frankrijk, die 'hemels' (in glossolalie) zongen tijdens de hoogliturgische eucharistie, die ik diverse malen om 12.00 uur 's middags mee mocht maken. Daarnaast verbreedde (deels continueerde) ik mijn liturgische en spirituele ervaringen in Jeruzalem door vieringen mee te maken in Tantur, in de Duitse en Amerikaanse Lutherse Kerk, in een Messiasbelijdende Joodse Gemeente, en in diverse synagogen. Het platte dak boven mijn studeerkamer gaf uitzicht over heel Jeruzalem, Bethlehem en de Woestijn van Judea tot de Dode Zee. Vijf maal per dag (en ook 's nachts) herinnerden de minaretten van Bethlehem en Bet Jalla mij aan het feit dat God groot is (Allah hoe-Akhbar). Overigens lag de '(politieke) solidariteit' dichtbij de 'mystiek': op 17 mei waren de Israëlische verkiezingen en de Arabische werkers in Tantur vertelden me hun verhalen over hun lijden onder de Israëlische bezetting. Naast het Vaticaanse 'nie­mandsland' van Tantur lag op 100 meter afstand de 'grens' tussen Israël en het Palestijns Autonome Gebied. Vlak onder mijn raam liep de sluikweg voor de honderden Arabische 'gastarbeiders', die clandes­tien in Israël werken en langs deze weg de officiële controle kunnen vermijden. 
 - Van 11-15 juni verbleef ik in het klooster Chevetogne in de Ardennen, waar de oosters-orthodoxe liturgie wordt gevierd. Vele malen maakte ik de officies en uiteraard de Heilige Liturgie mee. Nergens klinkt kerkmuziek zo mystiek als in de oosterse orthodoxie. Deze ervaring betekent ook een confrontatie met de armoede van de protestantse eredienst, veroorzaakt door de eeuwenlange anti-roomse afweer van ritueel en symboliek. 

- Eind juni maakte ik in een lang weekend een 'mystieke' wandeltocht, met ruimte voor studie, stilte en meditatie. Afwisselend natuur en getijdendiensten in kloosters onderweg.
 
III. Definities en eerste verkenning
- Op 8 juni sprak ik uitvoerig over de thematiek van mijn studieverlof met dr. K. Bras, geref. predikant te Hilversum en docent voor spiritualiteit aan de Theologische Universiteit van Kampen. Hij gaf me vele waardevolle suggesties, zowel voor de studie als voor de toepassing van de studie in het gemeentewerk. Samen probeerden de oorzaken op te sporen van de weerstand in de Geref. Kerken tegen spiritualiteit en mystiek.   

- Het is niet eenvoudig om de begrippen 'spiritualiteit', 'mystiek' en 'bevinding' te definiëren en af te bakenen. Iedere definitie houdt tegelijkertijd een keuze in. Ik oriënteerde me voornamelijk aan de volgen­de studies, die ik grondig bestudeerde:
     J. Beumer, Intimiteit en solidariteit. Over het evenwicht tussen dogmatiek, mystiek en ethiek, Baarn    1993.
Dorothee Sölle, Mystiek en verzet. 'Gij stil geschreeuw', Baarn 1998.
Bruno Borchert, Mystiek. Geschiedenis en uitdaging, Haarlem 1989.
R.Faesen,'What is a Mystical Experience? History and Interpretation', in:Louvain Studies 23/3          (1998), 221-245.
Het woord 'mystiek' is afgeleid van het Griekse woord mystikos, dat 'ingewijd' betekent. Sinds de 15e eeuw verwijst het begrip 'mystiek' naar een onmiddellijke en passieve ervaring van Gods presentie. De theologie spreekt over de mystiek, terwijl de mystiek spreekt vanuit de ervaring. 'Spiritualiteit' is een breder begrip en in onze moderne tijd nogal gedevalueerd. In christelijke zin kan spiritualiteit gedefinieerd worden als de technische tern voor 'geestelijk leven', 'innerlijk leven' of 'vroomheid'. Spiritualiteit gaat dus over de binnenkant van het geloof en behelst zowel de praxis als de bestudering van die praxis. Mystiek geldt dan als het hart of de kern van spiritualiteit. Mystiek is het kennen van God, het weet hebben van de Onzichtbare. Een definitie van een kenner van mystiek, P. Mommaers: "Een mysticus is iemand die op overweldigende wijze de tegenwoordigheid ervaart van iets dat hemzelf overstijgt en veel werkelijker is dan al hetgeen men doorgaans voor werkelijk aanziet". De reformatorische term voor de binnenkant van het geloof is/was 'bevinding'.

- Dorothee Sölle voert een indringend pleidooi voor wat zij noemt de 'democratisering' van de mystiek. Tegen de mening dat mystiek elitair zou zijn verdedigt zij, dat "wij allen mystici zijn". Iedere mens kent randervaringen van volledig boven zichzelf uitgetild worden. "Soms even" - om met Huub Oosterhuis te spreken. Kinderen zijn daarvoor volgens Sölle meer ontvankelijk dan volwassenen. Mystiek is o.a. te vinden in de natuur en in de erotiek, maar wordt verdiept door de religieuze mystiek. Voor haar laat de mystiek de geschiedenis zien van het Godsverlangen. Klassiek uitgedrukt in Psalm 42: "Gelijk een hinde die naar waterbeken smacht, zo smacht mijn ziel naar U, o God".  

- In alle religies komt mystiek voor. Het voert tever om op raakvlakken, verwantschap en verschillen in te gaan. Ik vediepte me ook (opnieuw) enigermate de joodse mystiek en maakte zijdelings kennis met moslim-mystiek. Sölle gaat uitvoerig in op de soefi-mystiek van de islam en bespreekt de moslim-mystici Rabi'a en Mansoer Al Halladj en Rumi. Er zijn vergelijkbare verschijnselen aan te wijzen als in het christendom, maar toch is iedere vorm van mystiek uniek. Syncretisme (vermenging) is afbreuk doen aan het unieke van iedere vorm van mystiek.
Over moslim-mystiek las ik: M.A. Sells (Ed.), Early Islamic Mysticism. Sufi, Qur'an. Mi'raj, Poetic and Theological Writings, New York/Mahwah 1996, hoofdstuk 4, p.151-170,  over Rabi'a;  en hoofdstuk 9 over Halladj, p. 266-280.

- Christelijke mystiek vindt haar oorsprong in de bijbel. Hierover bijv. in: K.E. Bras, Muziek van zuiver zwijgen. Een overzicht van de christelijke mystiek, Kampen 1988, 46 e.v. Vele bijbelse verhalen zijn te verstaan vanuit intense mystieke ervaringen: Mozes en de brandende braamstruik (Ex.3), Jesaja en zijn visioen van de hemelse troon van God (Jes.6), Jezus in stralend-witte gestalte bij de verheerlijking op de berg (o.a.Mat.17), Paulus in zijn overtuiging "Ik leef niet meer, maar Christus leeft in mij" (Gal.2:20), en Johannes met zijn apocalyptische visioenen op Patmos.
Alle christelijke mystici beroepen zich op deze en andere verhalen en trachten er bij aan te sluiten.

- Het begrip woestijn speelt in de bijbel en in de mystiek een grote rol. Ook in onze tijd spreekt dit begrip met zijn vele associaties sterk aan. Een paar jaar geleden was het jaarthema in 'de Veste': 'Bronnen in de woestijn'. Ik las nu een paar boeiende opstellen over dit fenomeen: M.J.G. van der Velden, 'Woestijn als metafoor', in: G.C. den Hertog, H.M. van der Vegt, Woestijn en openbaring, Kampen 1996, 17-26, en: in dezelfde bundel van de joodse auteur Jechezkel Landau, ' "Hamidbar Medabber" (De woestijn spreekt). De woestijn in de joodse spiritualiteit', 27-36.

- Er zijn zowel  raakvlakken als verschillen tussen de mystiek en het moderne verschijnsel New Age. Dit verschijnsel lijkt trouwens alleen maar modern, maar is niets anders dan een aktualisering en herinterpre­tatie van oude stromin­gen als gnostiek, esoterische hermetiek en occultisme.  In andere context studeerde ik ooit op dit thema. Nu beperkte ik mij voor het verschil met mystiek tot: J. Beumer, 'Verkenningen in grensgebied', in: C.D. van Troostwijk, e.a. (red.), 'Wij willen het heidendom eeren'. Miskotte in de 'nieuwe tijd', Baarn 1994, 169-191. Korte conclusie: Mystiek leidt tot spiritualiteit, de gnostieke New Age-beweging niet. Het laatste lijkt als stroming een collectieve therapie voor verwende, westerse mensen. Hoewel het gesprek met New Age belangrijk is, stelt Sölle terecht: "De holistische vroomheid van de New Age stelt niet dat elk juk zal worden verbroken."

- Spiritualiteit en mystiek zijn niet in de eerste plaats individuele ervaringen maar kunnen met name beleefd worden in de liturgie van de vierende gemeente. Daarom las ik ook het pas verschenen uitvoerige handboek: P. Oskamp, N. Schuman (red.), De weg van de liturgie. Tradities, achtergronden, praktijk, Zoetermeer 19982. Verder: Louis van Tongeren, 'In de kracht van de Geest. Over de Geest en het litur­gisch jaar', in: Tijdschrift voor Liturgie 82 (1998), 27-44. En over het samenlezen van Oude en Nieuwe Testament in de liturgie: Paul M. van Buren, According to the Scriptures. The origins of the Gospel and of the Church's Old Testament, Grand Rapids/Cambridge 1998.
Om niet helemaal van de liturgie te 'vervreemden' leidde ik een viertal bijzondere diensten in mijn studieperiode in 'de Veste': een dienst van Schrift en Tafel op Pinksteren - met gelegenheid voor het ontvangen van een persoonlijke zegen -, een viering en bevestiging van de trouw van acht echtparen die zo ongeveer 25 jaar getrouwd waren, een huwelijksinzegening, en een kinderdienst.
 
IV. Verbinding tussen mystiek en verzet
- Met name de reeds genoemde boeken van Jurjen Beumer en Kick Bras leggen de theoretische en praktische grondslag voor de verbinding tussen mystiek en verzet, tussen spiritualiteit en solidariteit. Zij verzetten zich tegen de gangbare protestantse dogmatische traditie, die doorgaans afwerend stond tegenover de mystiek. De mystiek werd door protestanten gezien als 'rooms-katholieke werkheiligheid' en was voor hun besef niet verenigbaar met het klassieke dogma van de reformatie 'de rechtvaardiging door geloof alleen'. Overtuigend hebben Beumer en Bras aangetoond dat katholieke mystici hun ervaringen alleen herleiden tot Gods genade en God niet liefhadden om beloning maar puur om Hemzelf. Protestant­se mystici zoals Gerhard Tersteegen hadden soortgelijke ervaringen. De 'vaders' van de Nadere Reforma­tie spraken liever over 'bevinding' en dat is in behoudend-reformatorische kring nog steeds de gebruikelij­ke aanduiding voor de binnenkant van het geloof.  

- Bij grote 20e eeuwse theologen als Barth en Miskotte is ook een sterke afweer te bespeuren tegen mystiek. Barth wist weinig van mystiek af, maar Miskotte kende diepgaande mystieke ervaringen (die hij overigens soms als een 'heidense' verleiding zag). In mijn studieperiode las ik van K.H. Miskotte, Het gewone leven in den spiegel van het boek Ruth (in: Verzameld werk, dl. 10, 327-659), een prachtig voorbeeld van mystiek in het alledaagse bestaan. Enkele citaten: "De extase verleent ons juist - als deze goed is geweest - de kracht het leed te dragen" (557) en: "De vreugde en de vrede, indien op de rechte wijze genoten en aanvaard, doen óók hun werk, ze zetten ons òm, vervormen ons soms tot de diepste lagen van ons wezen" (567).
Ook de frans-joodse filosoof Emanuel Levinas is uitermate argwanend ten aanzien van mystiek, omdat die zou afleiden van de belangrijkste opdracht van de mens tot verantwoordelijkheid ten overstaan van het Gelaat van de ander. Bekend is zijn uitdagende uitspraak: "We moeten de Tora meer liefhebben dan God".
In onze tijd komt er meer en meer aandacht voor de verbinding tussen mystiek en ethiek, tussen spirituali­teit en handelen. Zoals eerder reeds gezegd, van deze verbinding kan wel eens het overleven afhangen van het christendom in zijn historisch, institutionele vorm.    

- Het meest indringend schrijft Dorothee Sölle over het samengaan van 'mystiek en verzet' in haar gelijknamige boek. Het boek is nogal anti-institutioneel, gooit veel mystieke stromingen op één hoop, maar is niettemin een boeiend en rijk boek. In de zestiger jaren schreef Sölle als bevrijdingstheologe tegen de toenmalige mode in haar boek 'De heenreis', over mystiek als fundament voor de strijd om solidariteit in de wereld. Na vele jaren en vele boeken van haar hand schreef ze nu haar 'testament' en houdt vast aan haar oorspronkelijke inspiratie. Uitvoerige beschrijft zij de volgende 'plekken van mystieke ervaring': de natuur; de erotiek; het lijden; de gemeenschap; de vreugde. Bij 'verzet' denkt ze aan het Franse begrip résistance en schrijft meeslepend over een mystiek van bevrijding en geweldloosheid. Vele groten in de 'mystiek en solidariteit' passeren de revu: O.a. Leo Tolstoj, Dag Hammerskjöld, Dorothy Day, Mahatma Gandhi, Martin Luther King, Joao Cabral, Pedro Casaldáliga en Dom Helder Camara.    

- Een aantal studies vanuit de Amerikaanse context las ik:
Geiko Müller-Fahrenholz, God's Spirit. Transforming a World in Crisis, New York/Geneva 1995. Van groot belang is de verbinding die hij legt tussen spiritualiteit en ecologische inzet. Citaat: "It is dan­gerously naive to assume that our soul' resources could remain unimpaired, when social and ecological devastation is increasing everywhere" (57).
Verder: Terry Tastard, The Spark in the Soul. Four Mystics on Justice, Mahwah/New York 1989. Hij toont aan, dat  Franciscus van Assisi (1181/82-1226), Meister Eckhart (±1260-1327/28), Evelyn Underhill (1875-?) en Thomas Merton (1915-1968) gebed en aktie verenigden. Ware mystiek leidt altijd tot compassie met al Gods schepselen.

- Met name in communiteiten wordt de verbinding tussen spiritualiteit en solidariteit helder. Waarschijn­lijk is de oecumenische gemeenschap van Taizé wel het bekendste voorbeeld van dit samengaan, een verbinding die kennelijk duizenden jongeren aanspreekt, getuige de al meer dan 25 jaar bestaande 'pelgrimages van hoop'.
Een ander hedendaags exempel voor het samengaan van spiritualiteit en solidariteit is de zowel in katholieke als protestantse kring bloeiende Charismatische Beweging. Na jarenlange contacten met deze kring en na driemaal als inleider gesproken te hebben op Charismatische Conventies in Dalfsen had ik nu gelegenheid om me (in verband met mijn thema) intenser in de theologische achtergronden van deze beweging te verdiepen. De oud-katholieke prof.dr. Martien Parmentier, bijzonder hoogleraar voor de Charismatische Beweging aan de VU in Amsterdam, hielp me in een gesprek (en via email) daarbij op weg. Op zijn aanraden verdiepte ik mij in een grondige en zeer uitgebreide studie over gegevens in het Nieuwe Testament en uit de periode van de Kerkvaders: Kilian McDonnell, George T. Montague, Christian Initiation and Baptism in the Holy Spirit. Evidence from the First Eight Centuries, College­ville 19942. De conclusie is nogal katholiek-charismatisch: De Geest wordt geschonken bij de doop en wordt met name door handoplegging 'gereactiveerd' en 'geactualiseerd' in geestesgaven.
-- In de bibliotheek van Tantur in Jeruzalem vond ik een aantal andere studies uit de kring van de charismatische beweging, die mij inzicht gaven in de breedte van de theologische bezinning op dit terrein:
Russell P. Splitter, 'Are Pentecostals and Charismatics Fundamentalists? A Review of American Uses              of These Categories', in: K. Poewe (ed.), Charismatic Christianity as a Global Culture,          University of South Carolina Press 1994, 103-116.
Louis Dupré, 'Spiritual Life and the Survival of Christianity. Reflections at the End of the Milennium',             in: Cross Currents 48/3 (1998), 381-390.
F.E. Sullivan SJ, 'The Laying on of Hands in Christian Tradition', in: M.W. Wilson, Spirit and               Renewal, Sheffield 1994, 42-54.
Steven J. Land, Pentecostal Spirituality. A Passion for the Kingdom, Sheffield 1993.

- Als overgang naar het volgende onderdeel van de 'joodse mystiek' noem ik een inspirerende studie, die een brug slaat tussen joodse en christelijke mystiek: Michael E. Lohdahl, Shekinah/Spirit. Divine Presence in Jewish and Christian Religion, New York/Mahwah 1992. Een uitvoerige theologische studie naar de verhouding tussen Shechina in het jodendom (Gods inwoning) en Heilige Geest in het christendom. Hij schetst een Pneuma-Geest-christologie: Christus is door de Geest met mensen als zijn partners op weg naar Gods toekomst in een open verbondsavontuur. "God is committed to a partnership in creation". Daarbij is geen enkel triomfalisme aan de kant van mensen of kerken op zijn plaats, want de kracht van de Geest is en blijft na Pasen en Pinksteren de kracht van het kruis.

V. Joodse mystiek
Christelijke mystiek heeft haar wortels in jodendom. Er zijn daarom vele verbindingen tussen christelijke en joodse mystiek. Maar de joodse mystiek moet toch vooral als een wereld apart gezien worden.
- Als inleidende studie las ik: J.H. Laenen, Joodse mystiek. Een inleiding, Kampen/Tielt 1998.
- Op 17 juni maakte ik een studiemiddag mee aan de Universiteit van Amsterdam, belegd door het Werkgezelschap Judaïca, over 'joodse mystiek', met lezingen van drs. Laenen en dr. Hanegraaff.
- Begin 2000 zal ik in het Leerhuis uitvoerig ingaan op de belangrijkste stromingen in de joodse mystiek, zoals de Troonwagen-mystiek, de Kabbala, het Lurianisme, en het Chassidisme. Verder hoop ik in te gaan op enkele 20e eeuwse joodse denkers als Martin Buber en Avraham Joshua Heschel.
- Enkele bestudeerde boeken en artikelen:
Moshe Idel, Studies in Ecstatic Kabbalah, Albany 1988, met name hoofdstuk 3 over mysticus Abraham      Abulafia en hoofdstuk 6 de verhouding tussen kabbala en het land Israël.
Martiner Ostow, Ultimate Intimacy. The Psychodynamics of Jewish Mysticism, London 1995.
Moshe Idel, 'Sexual Metaphors and Praxis in the Kabbalah', in: M. Ostow,  a.w.,217-244.
Elliott Wolfson, 'Crossing Gender Boudaries in kabbalistic ritual and myth', in: M. Ostow, 255-347.
Moshe Idel, 'Unio mystica; methodological observations', in: idem. Kabbalah: New Perspectives, New      Haven/London 1988.
Chaim Potok, 'De kabbala en de moderne literatuur', in: Bzzlletin 25 (1996), 48-55.
Martin Buber, De legende van de Baalsjem, Deventer 1982.
Een modern boek, nogal esoterisch: Rabbi David A. Cooper, God is een werkwoord. Een mystieke visie op de kabbalá, Deventer 1998. Voor hem is God 'HET' en niet Hij of Zij. Verder spreekt hij doorlopend over een proces tussen God en de mens; in het Engels: A process of Godding.

VI. Christelijke mystiek
- Inleidingen in de mystiek: reeds genoemd zijn: Sölle, Beumer en Borchert.
- Het 'woestijn'-motief in de mystiek in: G.C. den Hertog, H.M. van der Vegt, Woestijn en openbaring. Bijbelse wortels. Joodse en christelijke interpretaties, Kampen 1996.
- Het accent 'pelgrimage en mystiek' o.a. in Herman Andriessen, Naar het land dat Ik u wijzen zal. De spiritualiteit van het pelgrimeren, Tielt 1986. Ik maakte in juni zelf een soort van 'mystieke wandeltocht' langs vele kerken en kapellen in Brabant en Limburg. In kloosters maakte ik diverse vieringen mee. Studieboeken kregen onderweg een andere dimensie. En vooral dichtbundels spraken me aan, met name van mijn geliefde dichters: Rabindranath Tagore en Ida Gerhardt.

Mystici:
Van diverse christelijke mystici las ik teksten en ik las studies over hun persoon en werk:
- Over de woestijnvaders en oosters-orthodoxe mystiek:
Alla Selawry, Filokalia, het innerlijk gebed, Deventer 1982.

- Hildegard van Bingen (1098-1179):
Columba Hart, Jane Bishop (translators), Hildegard of Bingen Scivias, New York/Mahwah 1990. 

- Meister Eckhart (geb. 1260):
Oliver Davies (translator), Meister Eckhart. Selected Writings, London 1994.

- Johannes Ruusbroec (1293-1381):
K. Bras, Mint de Minne. Eros en Agape bij Jan van Ruusbroec (dissertatie), Kampen 1993.
James A. Wiseman (introduction and translation), John Ruusbroec. The Spiritual Espousals and Other Works, New York/Mahwah/Toronto 1985.

- Marguerite Porète (±1255-1310), die op 1 juni 1310 als begijn in Parijs werd verbrand:
Ellen B. Babinsky (introduction and translation), Marguerite Porète. The Mirror of Simple Souls, New York/Mahwah 1993.

- Franciscus van Assisi (reeds veel over en van hem gelezen). Nu opnieuw: O. Steggink, Het zonnelied van broeder Frans van Assisi, Kampen 1996.

- Teresia van Avila (1515-1582):
Teresia van Avila, Innerlijke Burcht. Gewetensbrieven (vertaald door C. Noyen), Gent 1982.

- Johannes van het Kruis (Spaans: Juan de la Cruz; leefde 1542-1591):
Guido Stinissen, Sint-Jan van het Kruis aan het woord. Een keuze uit zijn geschriften, Gent 1994.
George H. Tavard, Poetry and Contemplation in St. John of the Cross, Athens (Ohio) 1988.
John of the Cross, Dark Night of the Soul (transl. and ed. by E.A. Peers), New York, etc. 1959.
W.G. Tillmans, 'Theologische overwegingen bij het "Cantico" ', in: W.G. Tillmans e.a., Taal van ver­langen. Overwegingen bij de mystiek van Juan de la Cruz, Haarlem 1992, 63-85.
O. Steggink, 'De mystieke weg van Johannes van het Kruis - uittocht uit het narcisme?', in: W.G. Tillmans e.a., Taal van verlangen. Overwegingen bij de mystiek van Juan de la Cruz, Haarlem 1992, 86-108.

- Gerhard Tersteegen (1697-1769), een gereformeerde mysticus uit Moers, ook bekend om zijn liederen  - zie o.a. in het Liedboek Gez. 323, 388, 389, 441.
Gerhard Tersteegen, Ein Auszug aus Gerhard Tersteegens auserlesenen Lebensbeschreibungen heiliger Seelen, Dinglingen (zonder jaar; eind 19e eeuw), o.a. over Tauler, Franciscus, Suso,Catherina van Siena.
 
- Simone Weil (1909-1943), frans-joodse mystica, communiste, filosofe, dichtbij katholicisme, koos voor solidariteit met arbeiders, stierf van uitputting, solidariteit tot de dood.
Over haar: Frits de Lange, Totale beschikbaarheid. Het ethos van Simone Weil, Baarn 1990.

- Dietrich Bonhoefer (1906-1945):
Opnieuw gelezen in: Dietrich Bonhoeffer, herausgegeben von E. Bethge, Widerstand und Ergebung, München 1966.
- Dag Hammerskjöld (1905-1961):
Reeds vele jaren mijn 'begeleider', nu opnieuw me verdiept in: Merkstenen, Nijmegen 1963. Citaat: "De weg koos jou - en je moet dankbaar zijn".

- Gustavo Gutierrez  (vader van de Latijns-Amerikaanse bevrijdingstheologie; voorbeeld van samengaan van mystiek en verzet):
Nu van hem gelezen: G. Guttierez, We drink from our own wells. The spiritual journey of a people, foreword by Henri Nouwen, Maryknoll/Melbourne 1988 (Spaans origineel: 1983).

- Henri Nouwen (1932-1996), vruchtbaar Nederlands-Amerikaans auteur over spiritualiteit. Na reeds vele boeken van hem gelezen te hebben las ik nu zijn laatste boek, dat ik j.l. Kerst kreeg van 'Het Baken'. Nouwen leefde de laatste 10 jaar van zijn leven in een gemeenschap van 'De Ark' samen met gehandicap­ten in Toronto.
Henri Nouwen, Adam. Een vriendschap, Tielt 1998.

VII. Praktische uitwerking
A. Leermomenten:
-Verlangen is de grond van alle mystiek: De prior van Taizé Roger Schutz zegt telkens weer: "Verlangen is al het begin van geloof" en "Als vertrouwen van het hart aan het begin van alles stond, wie zou dan nog kunnen zeggen: 'Wat doe ik hier op aarde?' "
Dr. Kick Bras zegt in zijn dissertatie over Jan van Ruusbroec: "Er is in de mens van nature een verlan­gen naar leven in eenheid met God, omdat God als de oerbron van alle zijn dit verlangen in hem gelegd heeft en hem naar zich toetrekt" (131)
- In onze tijd van secularisatie en kerkverlating blijft de 'religieuze ruis' bestaan. Velen, met name jongeren, zijn op zoek naar spiritualiteit, maar bij voorkeur buiten de kerkelijke instituten.
Vgl. hierover: Anton van Harskamp e.a., De religieuze ruis in Nederland. Thesen over de versterving en de wedergeboorte van de godsdienst, Zoetermeer 1998.
Ook de Chr. geref. theoloog G.C. den Hertog spreekt hierover in zijn opstel 'Hunkering naar heiligheid' (blz. 151-167), die blijft bestaan in de teloorgang van het besef van het heilige (in: de verzamelbundel: C.J. van den Boogert, G.C. den Hertog, Hedendaagse zoektocht naar heiligheid, Zoetermeer 1999).
- Er zijn vele bronnen en vindplaatsen voor mystiek. Zie vooral Dorothee Sölle onder IV, van erotiek tot en met lijden.
- Op geen plek kan God zozeer gevonden worden als in de stilte. Vgl. Ps. 65; en het verhaal van Elia bij de Horeb in 1 Koningen 19; verder Jeremia 30: 15 en 32: 17. De stilte spreekt een taal boven elke taal uit.Vertaling van 1 Koningen 19:12: God sprak in 'het geluid van een zachte koelte' of wellicht beter ver­taald: 'in het zachte geluid van het zwijgen'.
- Gebeuren er nog wonderen - na Auschwitz, Hirosjima, Bosnië en Kosovo? Moet er niet veel meer gesproken worden over Godsverduistering? En toch....
Vgl. boeken als: Klaus Berger, Mag je in wonderen geloven?, Kampen 1997.
A.-M. Korte e.a., De wonderen die de wereld nog niet uit zijn, Kampen 1998
 - Samenhang mystiek en verzet: zie hierboven onder IV.

B. Te vertalen naar de praxis in de gemeente:
- In de vieringen:
Het jaarthema in 'de Veste' en de Pauluskerk is in 1999-2000, zoals reeds vermeld, 'Mystiek en verzet'. In de liturgie van de vieringen zal meer ruimte moeten komen voor stilte, inbreng en betrokkenheid van de deelnemers, vormen van zegenen en handoplegging. In 'de Veste' kunnen de Taizé sing-in's, de Thomas­viering en de ontmoetingsdiensten hiervoor vrijplaatsen zijn. Maar ook 'gewone' diensten op zondagmor­gen kunnen nog meer tot een happening worden, oefenplaatsen voor 'mystiek en verzet'. Protestantse christenen hebben nog een lange weg te gaan in het overwinnen van weerstanden uit het verleden, die hen in de weg staan om het delen van brood en wijn (het 'avondmaal') als een intens feest van 'mystiek en verzet' te beleven.
- In het leerhuis:
In het komende seizoen zal er in het leerhuis in 'de Veste' uitvoerig worden ingegaan op de joodse mystiek. Tevens zal er ook een kring over christelijke mystiek en meditatie van start gaan, waarin teksten van mystici gelezen en overdacht zullen worden. 
- In het delen:
In het pastoraat zal meer ruimte en aandacht moeten komen voor de bronnen van spiritualiteit en mystiek en zullen vandaaruit verbindingen gezocht moeten worden naar de praxis van 'verzet'.

VIII. Uitleiding
- Aan het einde van dit verslag wil ik graag mijn dankbaarheid uitspreken voor de mij geboden mogelijk­heid van het studieverlof. Het was in vele opzichten een verademing.

- Het hoort niet helemaal in dit verslag thuis, maar misschien is het toch wel informatief om te vermelden, dat ik het Kampen-deel van mijn taak ook voornamelijk aan onderzoek heb kunnen wijden, met name over het thema 'Bekering van christenen tot het jodendom in de loop van de geschiedenis'. Verder hield ik een lezing op een symposium op 2 juni aan de VU in Amsterdam over 'De toekomst van de joods-christelijke dialoog', een workshop tijdens een congres van 11-15 juli van de International Council of Christians and Jews in Kiev (Oekraïne) over 'Defining Jewish-Christian Values for a Just Society', en op de terugweg uit Kiev tijdens een tussenstop een lezing op een congres in Tsjechië over 'Theologische Konsequenzen und Herausforderungen aus dem Jüdisch-Christlichen Dialog'.

- Laatste citaat (vertaald uit het Engels) ter samenvatting:
Louis Dupré, 'Spiritual Life and the Survival of Christianity. Reflections at the End of the Milennium', in: Cross Currents 48/3 (1998), 381-390:
"Ervaring behoort tot het wezen van religie, hoewel het er nooit mee samenvalt. In onze tijd is ervaring tot een onvervangbaar element geworden voor het ontvangen en onderhouden van het geloof. Daarom is de inspanning voor een innerlijk leven geen luxe maar een noodzaak voor christenen van vandaag" (p. 390).