Kerkinformatie februari 2008

Bruggen bouwen -  de droom van Nes Ammim

Simon Schoon

Er zijn heel wat bruggenbouwers in Israël en de Palestijnse gebieden. In Jeruzalem, Ramallah en Betlehem wedijveren de vele organisaties met elkaar. Toch betekenen al die groepen bij nader toezien niet meer dan een druppel op een gloeiende plaat. De meerderheid ziet geen heil in zulke softe activiteiten als ‘bruggen bouwen’. Cynisme heeft bij de meeste Israëli’s en Palestijnen de overhand gekregen. Er zijn immers al zoveel hoopvol begonnen vredesinitiatieven mislukt. In opiniepeilingen blijkt er steeds weer een brede meerderheid te zijn voor een vredesregeling van twee staten in één land, maar in de politieke verhoudingen is deze uitkomst kennelijk niet om te zetten in realiteit. Aan beide kanten is er gewoonweg niet voldoende basis aanwezig voor een compromis, wat elke vredesregeling zal moeten inhouden. Gegeven vertrouwen is te vaak geschonden. Extreme groeperingen aan Israëlische en Palestijnse kant blijven onverzoenlijk en trachten elke vredesregeling te boycotten. Geweld gaan ze daarbij niet uit de weg. En velen van hen zijn er heilig van overtuigd dat God/Allah aan hun kant staat. Groepen kolonisten in de West Bank zullen alles op alles zetten om de Groot Israël gedachte te verwerkelijken. En Hamas, aan de macht in Gaza, blijft de vernietiging van Israël propageren als doel van de gewapende strijd. Zal 2008 een vredesregeling brengen, zoals plechtig is aangekondigd in Annapolis? Weinigen in het ‘Heilige Land’ geloven er in. Noch het gesteggel van politici noch het ontwerpen van ‘definitieve regelingen’ is voldoende. Tegelijkertijd zal er op het grondvlak gewerkt moeten worden aan begrip voor die vreemde en onbegrijpelijke ander. Daarom zijn alle activiteiten waardevol van mensen, die tegen de stroom in blijven roeien en proberen de verschillende bevolkingsgroepen met elkaar in gesprek te brengen. Hulp van buitenaf is daarbij welkom, ook van de kant van kerken uit het buitenland. Nes Ammim probeert dit al veertig jaar lang op kleine schaal waar te maken in Galilea, een deel van Israël waar Joden en Palestijnen in ongeveer gelijke aantallen wonen. Een uithoek waar de buitenlandse hulporganisaties elkaar niet voor de voeten lopen.

Pioniers
In de jaren zestig en zeventig van de vorige eeuw vormden de pioniers van Nes Ammim een voorhoede in het bouwen van bruggen tussen Joden en christenen. Na de oorlog hadden ze in een pijnlijk gewetensonderzoek ontdekt, hoezeer het christendom in de loop van de geschiedenis verbonden was geweest met anti-joodse opvattingen. Daarom wilden ze een nieuwe bladzijde opslaan in de verhouding tussen christenen en Joden door het stichten van een christelijk solidariteitsproject. Toen ik in 1974-1981 in Nes Ammim woonde, was ‘bruggen bouwen’ al het sleutelwoord geworden voor de idealen van de toenmalige bewoners. Na de Zesdaagse Oorlog was het Israël-enthousiasme groot in Nederland en bereikte het aantal inwoners van Nes Ammim het record van bijna 200. Inmiddels is in Nederland de geestdrift voor Israël bekoeld of zelfs in het tegendeel veranderd. In de breedte van de kerken is dat niet veel anders. In Nes Ammim is het hotel de enige economische basis van het dorp geworden. De bedrijven van de beginjaren, met name de bekende rozenkassen, zijn gesloten. De economische hulp aan Israël is niet meer nodig. De meeste huizen in het dorp worden verhuurd. Er zijn nu nog maar 30 Nes Ammimers, waarvan mijn vrouw en ik er twee zijn in dit seizoen. Terug van weggeweest na dertig jaar. De grote vraag, die ons nu bezighoudt, is: Heeft het project zijn taak vervuld en kan het beter afgestoten worden? Is de droom voorbij? Of wordt in deze veranderde situatie juist van ons verwacht dat we blijven en opnieuw meehelpen om bruggen te bouwen? Joden en Palestijnen in onze omgeving verzekeren ons als om strijd, dat ze er op rekenen dat we blijven. Maar hoe kan dat praktisch vorm krijgen? 

Symbolisch
Nes Ammim heeft een symbolische ligging midden in de vlakte van Aser. Vanuit ons huis zien we in het Westen een aantal joodse plaatsen liggen langs de kust van de Middellandse Zee. In de verte glinsteren de witte flats van de zich steeds verder uitbreidende stad  Nahariya. Naar het Oosten zie je de bergen van Galilea, waar de meeste Arabische dorpen te vinden zijn. Er zijn contacten gelegd naar beide kanten. In het geleefde leven in Galilea is dit vanzelfsprekend. Hier zijn theoretische discussies onzinnig over de vraag of de joods-christelijke dialoog voorrang zal moeten hebben op de christelijk-islamitische dialoog. Zoals ook het debat, óf het streven naar gerechtigheid prioriteit zou moeten hebben op het zoeken van vrede. Het dagelijks leven dicteert de agenda.
Wonend en werkend in Israël kregen de pioniers van Nes Ammim, behalve voor hun joodse buren, ook oog voor de Palestijnse buren, in het bijzonder voor de christenen onder hen. In het hotel en in de jeugdherberg van Nes Ammim ontvangen we regelmatig groepen, die zich voor het visioen van samenleven in één land willen inzetten. Dit dialoogwerk wordt van ons gevraagd. In deze maanden ontvangen we bijvoorbeeld vijf weekenden lang een theatergroep van joodse en arabische jongeren. Verder zijn er weekenden met een groep joodse en arabische vrouwen uit Galilea, en met leraren van een tweetalige ‘Hand-in’-Hand’-school waar kinderen zowel Hebreeuws als Arabisch leren. De leraren gaan in Nes Ammim discussiëren over het hoe en wat van het vieren van elkaars feesten en over het omgaan met heikele vragen op een gemengde school zoals ‘Wat betekent voor Joden de Sjoa en voor Palestijnen de Nakhba (‘de catastrofe’, zoals de Palestijnen de oorlog van 1948 noemen)?’ Dit is een nieuwe taak voor Nes Ammim, die in het verlengde ligt van de oude droom van de pioniers: Bruggen bouwen over schijnbaar onoverbrugbare kloven.  

Synode
Via internet volgde ik het zes uur lange debat in de synode op 16 november j.l.  Vele meningen passeerden de revue. De één was diep onder de indruk van het Palestijnse lijden, de ander wees er op dat Joden nog steeds door antisemitisme worden bedreigd en niet veilig zijn in het Midden-Oosten. De één laakte de Israëlische bezetting van de Westoever, met alle kwalijke gevolgen van dien voor zowel Joden als Palestijnen. De ander vroeg aandacht voor de nucleaire dreiging voor Israël vanuit het Iran van Ahmadinejad en voor de vernieuwde rakettenvoorraad van Hezbollah in Libanon. Eigenlijk niemand verdedigde een óf-óf standpunt, dat wil zeggen uitsluitend kiezen voor Israël óf alleen voor de Palestijnen. Ik ben benieuwd wat de slotbespreking in april zal opleveren, maar er lijkt zich toch wel een duidelijke consensus af te tekenen. De ‘onopgeefbare verbondenheid met het volk Israël’ zal niet worden opgegeven. Hoewel de tijd van de euforie rond de staat Israël voorgoed voorbij is, is het bestaansrecht van deze staat boven alle twijfel verheven en geen onderwerp van discussie. Maar er zal ook oprechte aandacht moeten komen voor het lot van de Palestijnen, en met name de verbondenheid  met de christenen onder hen zal concreet vorm moeten krijgen.

Praxis
In de praxis van het leven in het land kan alleen én-én gezegd en gedaan worden. In Nederland zien sommigen het werk, dat Meta Floor namens Kerk in Actie doet voor de Sabeel-organisatie in Oost-Jeruzalem (het oecumenisch centrum voor Palestijnse bevrijdingstheologie), als regelrecht in strijd met de betrokkenheid van de Nederlandse kerken sinds de zestiger jaren met Nes Ammim. Wij zien dat zelf anders. Wie een blik werpt in onze weblogs, kan dat zelf constateren (www.metafloor.nl en www.simonschoon.web-log.nl). Natuurlijk zijn er verschillende accenten: Bij de één wordt in het kader van de Sabeel-beweging meer nadruk gelegd op het streven naar gerechtigheid, bij de ander valt het accent meer op vredesdialoog en verzoeningswerk. Het één sluit het ander niet uit. Integendeel! Dat moet duidelijk zijn voor ieder die de grondwoorden uit de bijbel kent. De context van Galilea is een heel andere dan die van Jeruzalem, Betlehem en Ramalla. De kerk mag – in alle bescheidenheid, dát wel - met twee woorden spreken: Gerechtigheid en vrede. Het één niet zonder het ander, maar dat betekent niet dat overal en altijd op hetzelfde aambeeld gehamerd moet worden.
Uit wetenschappelijke studies over conflictbeheersing blijkt dat ontmoetingen op het grondvlak de weg bereiden voor politieke compromissen. De handdruk van Arafat en Rabin in 1993 in New York was de situatie op het grondvlak in Israël en de Palestijnse gebieden te ver vooruit. Daarom begaven de Oslo-akkoorden het in de harde realiteit. Rabin werd vermoord in 1995. Op het grondvlak zal in dialoog met elkaar ontdekt moeten worden dat de eigen identiteit ook beleefd kan worden, wanneer bepaalde elementen van die identiteit (zoals de verbondenheid met het land) gedeeld worden. In vredesworkshops kan ‘spelenderwijs’ onderhandeld worden over mogelijke compromissen. Daarbij gaat het soms hard toe, maar er wordt in elk geval niet geschoten. Het is een pijnlijk maar heilzaam proces. In alle bescheidenheid kan Nes Ammim in een  hoekje van Galilea hierin een rol vervullen. Wie niet gelooft dat dit mogelijk is, moet maar eens komen kijken. Of liever nog: Meedoen! Kijk op www.nesammim.nl of vraag informatie via post@nesammim.nl. Welkom bij het bruggen bouwen!       

Simon Schoon is emeritus-predikant van Gouda. Hij was tot eind 2006 tevens bijzonder hoogleraar inzake de verhouding jodendom-christendom aan de Theologische Universiteit Kampen. Momenteel werkt hij een jaar in Nes Ammim.

<< Publicaties