Vriendschap in plaats van wantrouwen
Simon Schoon
Israël is een land van bijzondere ontmoetingen. Verleden en heden komen soms op een wonderlijke manier samen.
In het verre verleden van Nes Ammim was de orthodoxe rabbijn van Nahariya, Aharon Keller, één van de heftigste tegenstanders van de stichting van Nes Ammim. Ontsnapt aan de Sjoa in Duitsland was hij opperrabbijn geworden van West-Galilea. Tot zijn grote ontsteltenis wilde begin jaren zestig een groep christenen uit Europa een nederzetting stichten in zijn gebied. Hij wantrouwde de bedoelingen van deze pioniers. Zij verklaarden dat ze de jodenzending achter zich hadden gelaten en alleen de ontmoeting met Joden wilden zoeken. Maar in Europa had Keller nooit een dergelijke motivatie aan christelijke kant ontmoet. Er staken altijd addertjes onder het gras, wanneer christenen contact met Joden zochten. Uiteindelijk wilden ze hen toch altijd bekeren tot het christelijk geloof. Daarom schreef Rabbijn Keller protestbrieven naar de Knesset en organiseerde demonstraties tegen het project Nes Ammim in de straten van Nahariya. Hij waarschuwde in felle bewoordingen voor een ‘nest van zendelingen’. Uiteindelijk veranderde Keller in een vriend van Nes Ammim. Wantrouwen maakte plaats voor vriendschap. Maar er gingen vele jaren overheen, voordat het zover was.
Onlangs gingen mijn vrouw en ik op bezoek bij Zahava Neuberger-Keller en haar man Moshe in Moreshet. Wij waren voor een ontmoeting en de avondmaaltijd uitgenodigd in hun zeer orthodox-joodse dorp, een half uurtje rijden van Nes Ammim verwijderd. Zahava is de dochter van rabbijn Keller, die al vele jaren geleden is overleden. Het werd een bijzondere ontmoeting. Ik vertelde over mijn ontmoetingen met haar vader in de zeventiger jaren van de vorige eeuw, toen ik als predikant in Nes Ammim woonde en werkte. En Zahava vertelde me vele herinneringen aan haar ouderlijk huis, die haar verdere leven beslissend hadden bepaald. Onze voertaal was Duits, omdat in huize Keller in Nahariya vroeger naast Ivriet ook Duits gesproken werd. Het beeld van de rabbijn, die ik vele malen ontmoet heb in het verleden, werd completer door haar verhalen.
Bijna de hele familie van rabbijn Keller is vermoord in de concentratiekampen. Hij zelf was het zionisme toegedaan en wist vóór de Tweede Wereldoorlog te ontkomen naar het toenmalige Palestina. Een lange en moeizame reis in die tijd. In 1938 vluchtte hij met zijn gezin uit Duitsland naar Polen. Omdat hij ook daar niet veilig was, nam hij de wijk naar Roemenië. Vanuit de havenstad Constanza aan de Zwarte Zee wist hij uiteindelijk in 1939 het land Israël te bereiken. Hij werd eerst rabbijn in Raänana en vervolgens vele jaren opperrabbijn van West-Galilea. Daar vernam hij het afschuwelijke lot van zijn ouders en familie in nazi-Duitsland. Toch werd hij niet verbitterd en bleef de herinnering vasthouden aan een heel ander Duitsland, het land van cultuur en filosofie, van muziek en wetenschap. En hij voedde zijn kinderen op in een geest van humaniteit, waarin plaats was voor alle mensen, van welke kleur en achtergrond ook. Zahava sprak met grote liefde en hoogachting over haar vader, die de drijvende kracht was geweest achter de keuzen die zij zelf had gemaakt.
Aan de maaltijd op die bijzondere avond in Moreshet vulden mijn verhalen aan wat Zahava niet wist. Hoe ik in 1977 rabbijn Keller had mogen bezoeken in zijn huis en lange gesprekken met hem gevoerd had in zijn statige studeerkamer. Ik was bij hem thuis een ‘zendeling’, maar met een heel andere missie dan de gebruikelijke. Ik vertelde van het reilen en zeilen van Nes Ammim. Over de barrières die overwonnen waren om de weg in te slaan naar een nieuwe verhouding tussen christenen en Joden. Zijn reactie was verrassend. Hij had naar zijn zeggen de ontwikkelingen van Nes Ammim nauwlettend gevolgd en verklaarde dat hij afstand nam van zijn aanvankelijke weerstand en wantrouwen. Hij was bereid naar Nes Ammim te komen en openlijk zijn vriendschap aan te bieden. Zo gebeurde op een gedenkwaardige avond! Daarna is hij nog vele malen teruggeweest om lezingen te houden voor de Nes Ammim-gemeenschap en bezoekende theologengroepen. Een overlevende van de Sjoa, die bereid was in het land Israël christenen te leren over het jodendom, en dat alles in het Duits. Ook voor de Nederlandse en Amerikaanse televisie heeft hij getuigd van de ‘omkeer’ in zijn houding ten aanzien van Nes Ammim.
Zahava heb ik voor het eerst ontmoet in Nes Ammim, toen zij leiding gaf aan een seminar van Joodse en Palestijnse vrouwen. In het kader van het werk dat ik in dit seizoen 2007-2008 op me genomen heb. Zahava heeft zich bereid verklaard om deel te gaan uitmaken van een lokaal adviescomité voor het dialoogwerk in Nes Ammim, samen met vier Joden en vier Palestijnen. Zij vertelde me dat dit verzoeningswerk de doorwerking in haar leven vormde van het voorbeeld dat haar vader had voorgeleefd. In 1999 was ze gepromoveerd aan de Hebreeuwse universiteit in Jeruzalem op een proefschrift over de midrasjiem in het boek Deuteronomium. Het boek dat gaat over het recht doen aan de vreemdeling in je midden, omdat je ook zelf vreemdeling geweest bent in Egypte. Het was voor Zahava een enorme uitdaging geweest om haar studie te voltooien, met zes opgroeiende kinderen in huis. Bij ons bezoek prees ze haar man Moshe, die haar alle ruimte gegeven had, ook in de studie van de Tora. In eigen orthodoxe kring stuit ze op veel onbegrip ten aanzien van haar dialoogwerk. Regelmatig gaat ze naar Duitsland om lezingen te houden. De meest gehoorde reactie in haar dorp is: ‘Waarom zou je de taal van het land van de Sjoa spreken?’ Maar ze houdt vol. Een waardige dochter van haar vader!
